De optica van François De Aguilòn en haar impact op de bouw van de Sint Carolus Borromeuskerk te Antwerpen

Nathalie Poppe
2 september 2008


François De Aguilòn is een vaak vergeten figuur in de wetenschapsgeschiedenis van België. Hij werd op  4 januari van het jaar 1567 geboren te Brussel en genoot als kind een Latijnse opleiding in de jezuïetencolleges van Parijs en Douai. Hij vervulde zijn noviciaat deels in Doornik en Kortrijk en trad op 15 september 1588 toe tot de orde van Jezuïeten. Hij studeerde filosofie en theologie en werd in  1596 tot priester gewijd. In tussentijd had hij een grote interesse voor wetenschap ontwikkeld en toen hij zich in 1598 in Antwerpen vestigde, ijverde hij samen met Carlo Scribano –toenmalig rector van het Jezuïetencollege te Antwerpen- voor de oprichting van een wiskundeschool. In 1615 zou De Aguilòn hiervoor de toestemming  krijgen. 2 jaar daarvoor gaf de Jezuïetenpater zijn opus magnum uit, getiteld  ‘opticorum Libri sex philosophis iuxta ac mathematics utiles’. Een lijvig 6-delig werk dat voor het eerst de natuurwetenschappen, wiskunde en filosofie onder één wetenschap wist te verenigen: de optica (1).
In het  jaar dat De Aguilòn  toestemming had gekregen voor het oprichten van een wiskundeschool in Antwerpen, werd in diezelfde stad de eerste steen gelegd voor de bouw van een Jezuïetenkerk, gewijd aan Ignatius, nu gekend als de Sint Carolus Borromeuskerk. Wat precies De Aguilòns rol was bij de bouw van deze kerk is tot op heden niet geheel duidelijk. Doorheen de geschiedenis werden zowel hijzelf als Peter Huyssens en Pieter Paul Rubens als architect van het bouwwerk naar voren geschoven (2).  Toch zijn er concrete aanwijzingen om te veronderstellen dat De Aguilòn zeer nauw bij het kerkontwerp betrokken was. Het leek dan ook aangewezen om na te gaan of er toepassingen van zijn werk over de optica terug te vinden zijn in dit pareltje van barokarchitectuur. In het bijzonder zal er aandacht geschonken worden aan de studie van de lichtinval in het kerkinterieur, gezien De Aguilòn ooit zelf een lichtberekening gemaakt zou hebben voor het kerkontwerp. Via een lichtstudie, met het software-programma Ecotect, zal nagegaan worden welke aspecten van de lichtinval extra aandacht kregen (3).   Er wordt nagegaan op welke manier gebruik werd gemaakt van diffuse en gerichte lichtwerking  en  hoe het spel van licht en donker kadert in de tijdsgeest van de vroege 17de eeuw (4).

 

Noten:
(1) A.ZIGGELAAR, François De Aguilòn s.j. (1567-1617) scientist and architect, Rome, 1983, pp. 29-59.
(2) Zie hierover vooral :
F. BAUDOUIN, De toren van de Sint-Carolus-Borromeuskerk te Antwerpen, Brussel, 1983.
F. DONNET, ‘L’architecte de l’église de Jésuites à Anvers’, in: Bulletin des Commisions Royales d’art et d’archéologie, Antwerpen 1909.
(3) Ecotect is een softwarepakket, ontwikkeld voor energie-efficiënt en environmental design van gebouwen door de Australische firma Square One Research (www.squ1.com).
(4) Algemeen over de Sint Carolus Borromeuskerk zie:  
P. LOMBAERDE (ed.), Innovation and Experience in the Early Baroque in the Southern Netherlands: the Case of the Jesuit Church in Antwerp, Turnhout, 2008.